Bevat Video: Video
Ankeiler: Ze hebben bijna hun zin, programmamakers René Arendsen en Bas Steman, beter bekend als de Ridders van Gelre.

- Ze hebben bijna hun zin, programmamakers René Arendsen en Bas Steman, beter bekend als de Ridders van Gelre. Zaterdag openden zij hun tentoonstelling Gelderland- Het Verloren Hertogdom in het Stadsmuseum Harderwijk. Eigenlijk zou het wat de Ridders betreft geen tijdelijke tentoonstelling, maar een Gelders museum moeten zijn. "Ik vind het zo verdrietig dat we niet de potentie uit Gelderland halen, die erin zit."

Een Gelders museum en een stripboek over de geschiedenis van Gelderland. Twee wensen die de Ridders van Gelre al jaren op hun verlanglijstje hebben.

Het stripboek is er. In 2019 verscheen het stripboek De Ridders van Gelre en Ons verloren hertogdom in het Nederlands en in het Duits. Het is praktisch uitverkocht. Dat kan van de verlanglijst afgestreept.

Een Gelders historisch museum is een ander verhaal. "We hebben het vanaf het begin van onze Ridders van Gelre-serie geroepen. Drenthe, Friesland; een beetje provincie heeft een eigen museum. Waarom hebben wij dat in Gelderland niet?", roept René Arendsen na al die jaren nog altijd verontwaardigd. "Het zou onbestaanbaar zijn dat er in Friesland geen Fries museum zou zijn. We missen in Gelderland iets van een provinciaal bewustzijn. Een Gelders museum is een mooie eerste stap."

'Gelderland is geen Holland'

Wat drijft de 42-jarige René Arendsen, historicus en programmamaker, opgegroeid in Lelystad? "Ik vind deze regio oprecht heel mooi. Als ik van Flevoland naar Arnhem rijd, dan voelt het alsof je in een ander deel van Europa terecht komt. Gelderland is geen Holland. We spreken dezelfde taal en daarmee houden de overeenkomsten wat mij betreft ook op."

Bas Steman (51): "Voor zover ik kan nagaan ben ik een Gelderlander. Ik ben in Apeldoorn geboren en woon in Zutphen. Drie weken heb ik bij mijn vriendin Ariane in Amsterdam gewoond en ben gillend teruggekeerd naar Apeldoorn. Met het maken van de series Ridders van Gelre heb ik mijn Gelderse identiteit gevonden. Nu snap ik waarom ik me geen Hollander voel. Ik ben een Gelderlander."

De kloof tussen stad en platteland, die Remkes beschrijft in zijn advies over de stikstofcrisis, vindt zijn oorsprong in de geschiedenis, is de overtuiging van de Ridders. "Dat is een weeffout van hoe Nederland is ontstaan. De provincies in het oosten en het zuiden hadden als doel om Holland droog en vrij van militaire invallen te houden. En dat zien we nu nog steeds. Bij de verdeling van de cultuurgelden gaat er nauwelijks iets naar Gelderland", zegt Bas stellig. "En denk je dat de NAM afvalwater zou lozen in Noord-Holland? Nee, dat doen we in Twente. Dat zit er al vijf eeuwen in."

'Gelderland doet zichzelf te kort'

De focus op de Randstad zorgt er volgens de Ridders van Gelre ook voor dat er geen Gelders historisch museum is. René: "Ik denk dat deze provincie zichzelf tekort doet, door iedere keer als een lulletje rozenwater van de Randstad erbij te hangen. Gelderland is een trotse regio tussen de Randstad en het Roergebied. Het hart van Europa. Dat moeten we met z'n allen veel meer uitstralen."

Een Gelders museum zit er voorlopig niet in, maar die Gelderse tentoonstelling die is er nu. De tentoonstelling Gelderland - Het Verloren Hertogdom omvat zo'n 25 stukken. "Van het Valkhof krijgen we het Nijmeegs Schippers Antependium, een kunstwerk uit de 15e eeuw. We noemen het de Nachtwacht uit de gouden eeuw van Gelderland. Daarnaast zijn er topstukken te zien van Geldersch Landschap en Kasteelen, Erfgoed Gelderland, Gelders Archief en Gelderse musea als Coda, Museum Arnhem, Musea Zutphen, Stadsmuseum Doetinchem, Flipje & Streekmuseum Tiel, Noord-Veluws Museum in Nunspeet en Rozet.

En het Rijksmuseum leent het zeventiende eeuwse schilderij Het Beleg van de Schenkenschans in 1636 van Gerrit van Santen uit aan de Gelderse tentoonstelling.

De tentoonstelling Gelderland - Het Verloren Hertogdom in het Stadsmuseum in Harderwijk is te zien tot en met 7 mei 2023.